Zoveel manieren, zoveel meningen over hoe een paard aan de teugel moet lopen.
De druk op de teugel is essentieel voor een correct contact met je paard. Wanneer de druk op de teugel te groot is, bijvoorbeeld te diep, te laag, te rond of op de onjuiste manier uitgevoerd, zal het paard zijn nek en kaakspieren vast zetten. Daarbij wordt het hoofd vaak achter de loodlijn (zie groene lijn) getrokken. Het kan ook zijn dat het paard zelf verlichting zoekt waardoor er veel druk komt op de wervels, met name de C-5, C-6 of C6-C7 (zie rood punten). Deze overbelasting kan voor artrose of synovitis (gewrichtsaandoeningen) zorgen.
Wanneer het paard op de loodlijn loopt (zie groene lijn) krijgen de wervels meer ruimte en kan het paard zichzelf en de ruiter gaan `dragen`.
Het tegenovergesteld is dat als er geen contact met de mond (of de neus) is het niet prettig is voor het paard. Het anticiperen op wat er gevraagd kan gaan worden kan het paard nerveus en onzeker maken. Dit komt vooral veel bij manegepaarden voor.



0 reacties